Het Grasvliegje | Voorkomen en bestrijden vliegenplaag

Grasvlieg bestrijden
Het is weer zover, de telefoon staat roodgloeiend van de meldingen, vooral appartementen complexen of hoge kantoorgebouwen klagen over een enorme vliegenplaag. Naast de klustervlieg die in het najaar een zwerm vormen en op zoek gaan naar een overwinterplaats, denk dan aan spouwmuren, holle bomen en holle/loze ruimtes in panden.

De grasvlieg is een stuk kleiner dan de klustervlieg. Grasvliegen zijn ongeveer 3 mm. lang en hebben een geel lichaam met drie zwarte strepen op de bovenzijde van het borststuk. De enigszins afgeronde vleugels zijn vrij groot in verhouding tot het lichaam. De vrouwtjes van deze soort leggen hun eitjes in de grond in weilanden e.d. De larven parasiteren op bepaalde soorten bladluizen. Ook de grasvlieg heeft de gewoonte om massaal in gebouwen te overwinteren. Kerktorens lijken daarbij de voorkeur te hebben.

Hoe kom je er van af?

Om te voorkomen dat in het najaar een vliegenplaag ontstaat zal allereerst het binnendringen van het gebouw onmogelijk gemaakt moeten worden; horren voor ramen en deuren, tochtstrips, het afdichten van gaten en kieren in buitenmuren en het dichten van ventilatieopeningen met fijnmazig gaas. Ook het (gedeeltelijk) verwijderen van klimplanten kan hierbij helpen. Grasvliegen hebben namelijk een voorkeur voor klimop en wingerd. Afdichten is niet altijd effectief, of is technisch niet uitvoerbaar.

Indien reeds een vliegenplaag ontstaan is zijn er verschillende methodes om de plaag te bestrijden. Als de klusterplaats van de vliegen opgespoord en goed bereikbaar is dan kan de zwerm met behulp van een stofzuiger worden opgezogen. In de lente volstaat het meestal om de ramen tegenover elkaar open te zetten. Vrijwel alle vliegende insecten hebben een hekel aan natuurlijke trek. Soms is de klusterplaats moeilijk bereikbaar of niet toegankelijk. In dat geval zal er met een insecticide gewerkt moeten worden.

Ondanks de genomen weringmaatregelen kunnen de vliegen toch ieder jaar terugkomen. Door vroeg in het najaar een preventieve behandeling uitvoeren met een residueel werkend insecticide, wordt de overlast tot een minimum beperkt. Het middel wordt gespoten in naden en kieren, op en nabij de entreeplaatsen van de vliegen en eventueel op wanden en kozijnen.

Meer weten?

Bel 0183 647442 of 0183 647 442.

Als een rat in de val

Het kan u bijna niet ontgaan zijn. De landelijke media hebben er uitvoerig aandacht aan besteed. “Rattenbestrijding buitenshuis of buiten het bedrijf” De gekozen titel van deze blog: als een rat in de val is van toepassing op ons als plaagdiermanagement bedrijf. De klant vraagt immers om een aanpak van een ongedierteprobleem, en doet een verzoek aan Correct-ongediertepreventie. De klant verwacht dat wij als leverancier zijn probleem vakkundig oplossen, maar wil er niet de hoofdprijs voor betalen. Wat kunnen wij dan bieden! In het kort proberen wij toe te lichten waardop deze veranderingen op zijn gebaseerd.
Bij het buitengebruik van rodenticiden lopen roofvogels, huisdieren via door vergiftiging een hoog risico. Tevens zijn rodenticiden op basis van anticoagulantia PBT stoffen (stoffen met een hoog risico voor persistentie, bio accumulatie en toxiciteit) die niet gewenst zijn in het milieu. Redenen voor het Ctgb om het gebruik van deze stoffen te beperken tot binnenruimtes.
Bij alle toelatingen waar voorheen buitengebruik nog was toegelaten, is die toepassing nu door het Ctgb geschrapt en is voor dit specifieke gebruik per individueel middel nog een aflever- en opgebruiktermijn vastgesteld van 3 resp. 6 maanden. Gedurende die tijd mag het middel met het oude gebruiksvoorschrift nog op de markt gebracht resp. gebruikt worden. Deze termijn is tot 01-01-2015.
De beperking tot binnengebruik kan soms tot overlast van plaagdieren leiden. Na overleg met de brancheorganisaties van plaagdierbestrijders heeft het Ctgb aangegeven dat onder specifieke voorwaarden het buitengebruik onder Integrated Pest Management (IPM) en certificering, alsnog mogelijk zou kunnen worden.
De brancheorganisaties werken nu aan een protocol voor het buiten om gebouwen gebruiken van anticoagulantia onder IPM dat moet voldoen aan de specifieke voorwaarden die het college stelt.
Bedrijven voor plaagdierbeheersing die willen werken volgens dat protocol, zullen zich moeten gaan certificeren bij een geaccrediteerde certificeringsinstantie.
Toelatingshouders die buitengebruik om gebouwen voor hun anticoagulantia mogelijk willen maken, zullen een toelating of uitbreiding van de toelating van buitengebruik onder het IPM protocol moeten aanvragen.
Wat betekent dit voor de u als klant?
Bij de constatering van een rat of een rattenplaag dient u contact op te nemen met een plaagdiermanagement bedrijf. U dient er op te letten dat dit bedrijf IPM gecertificeerd is. Alleen bedrijven die in het bezit zijn van dit certificaat mogen de eventueel beschikbare bestrijdingsmiddelen in zetten. Overtreders worden zwaar beboet. Het wegvangen kan ook op een biologische manier. Door het in zetten van klemmen kunnen wij op een milieu verantwoorde manier de overlast aanpakken. Wel is van belang de controle frequentie erg hoog te houden. Klemmen dienen om de dag te worden gecontroleerd op eventuele vangst. Door deze hoge bezoekfrequentie lopen de kosten wel snel op waardoor opdrachtgevers lang proberen deze kosten te besparen. Als plaagdiermanagement bedrijf zien wij de gevolgen hiervan momenteel al terug. De afgelopen maanden zijn er bij ons veel meldingen binnengekomen van ratten. De bestrijding hebben wij ingezet volgens de richtlijnen van het IPM protocol. Samen met de opdrachtgevers hebben wij een maatwerk oplossing in kaart gebracht en deze vervolgens tot een succesvol einde weten te brengen. Laat u vooraf informeren over de mogelijkheden.

Mieren, wat kun je er tegen doen?

Een paar mieren op de vensterbank of op het aanrechtblad, hoopjes zand tussen de tegels of plotseling massaal vliegende mieren binnen. Allemaal voorbeelden van overlast van mieren. Wat is een mier en hoe leeft het beestje? En wat kun je er tegen doen? Waar komen mieren voor?
Er bestaan veel verschillende soorten mieren in Nederland. Enkele van de meest voorkomende mierensoorten zijn onder andere: de wegenmier, de rode bosmier en de glanzende houtmier. De meeste mieren leven met name buiten, maar soms kunnen ze zich ook binnen vestigen. Meestal zitten ze dan in kruipruimten, spouwmuren e.d..
De leefwijze van mieren
Mieren zijn kolonievormende, sociaal levende insecten en zijn nauw verwant aan de (grond-)wespen. In een nest bevindt zich één of meerdere koninginnen, die verantwoordelijk zijn voor de voortplanting van de soort. Daarnaast bestaat het nest uit werksters, die voorzien in de nestopbouw, verzorging van de larven en de jongen en de voedselvoorziening. Tot slot bestaat een nest larven, die zich ontwikkelen tot mannetjes indien het nest groot genoeg is. Als de larven volwassen zijn, verlaten zij op een bepaald moment met de koningin(nen) massaal het nest om zich voort te planten. Dit wordt de bruidsvlucht genoemd. De nesten bevinden zich vaak in een holle boom of bijv. een zelfgemaakte nesthoop. Dit verschilt per mierensoort. De mier is een echte zoetekauw. Veel soorten leven van de honingdauw van bladluizen. Er zijn zelfs soorten die bladluis als ‘vee houden’ en deze beschermen tegen predatoren, zoals het lieveheersbeestje.
Hoe herken ik de mier?
Mieren zijn goed herkenbaar. Het zijn relatief kleine insecten van 5 mm lengte tot 15 mm lengte en bestaan in hoofdzaak uit drie segmenten: een kopstuk, borststuk en achterlijf. Soms hebben mieren nog een kleiner vierde, of vijfde segment. Dit worden vaak knopen genoemd. Aangezien ze nauw verwant zijn aan de wespen, lijken ze qua lichaamsbouw ook veel op wespen, alleen ontbreken in veel gevallen de vleugels. Afhankelijk van de soort zijn mieren vaak zwart, rood, bruin, of gelig van kleur. Ze verplaatsen zich doorgaans in kolonne van en naar het nest om voedingsstoffen en bouwmateriaal voor het nest te vervoeren.
Vreemde eend in de bijt?
De laatste jaren duiken er steeds meer exotische mieren op in Nederland, die qua uiterlijk afwijken van hetgeen hierboven is beschreven. De bekendste hiervan zijn: de faraomier en de plaagmier. Deze mieren worden vaak door import vanuit verre landen meegevoerd en weten zich op warme plekjes te vestigen. De exoten hebben een iets andere levenswijze dan de Nederlandse mieren en kunnen voor hardnekkige overlast zorgen. Indien u twijfelt of u een exotische mier in huis heeft, adviseren wij u om contact op te nemen met een deskundig plaagdiermanagementbedrijf.
Wat is de overlast?
Mensen ervaren overlast van mieren wanneer zij over het lichaam, in de keuken of elders binnenshuis met enige regelmaat lopen. Sommige mieren kunnen ook venijnig bijten, zoals de rode bosmier. Grote overlast van mieren kan ontstaan wanneer hoopjes zand massaal onder verhardingen worden weggegraven door de mieren. De mieren doen dit om hun nesten en gangenstelsels te maken.
Hoe kan ik overlast voorkomen?
Een goede hygiëne is het belangrijkste om overlast van mieren te voorkomen. De mier is een echte zoetekauw. Door te zorgen dat zoete producten goed zijn afgesloten en opgeborgen, wordt overlast in grote mate voorkomen. Laat dan ook geen resten van bijv. suiker, ranja of appelschillen achter. Ook het aanrecht en vuilnisbakken dienen regelmatig te worden schoongemaakt. Naast een goede hygiëne kan ook worden gedacht aan het weren van mieren door het dichten van gaatjes en kieren. Vaak komen mieren binnen via kleine gaten en kieren. Door het afdichten van deze gaten kan de toegang tot het pand worden geblokkeerd. Mieren komen regelmatig en in grote aantallen voor, waardoor het moeilijk is om buiten voorzorgsmaatregelen te nemen. Wat u wel kunt doen is het verwijderen van bladluizen uit uw tuin en het opruimen van zoete producten, aangezien dit beide voedselbronnen van mieren zijn.
Hoe kan ik een plaag verhelpen?
Bij het verhelpen van een mierenplaag moet onderscheid worden gemaakt tussen overlast binnen en overlast buiten. Voor beiden geldt dat een grondige inspectie vooraf van belang is voor het slagen van een bestrijding. Bij deze inspectie moet worden vastgesteld om welke mierensoort het gaat, waar de looppaden en de eventuele nesten zich op de locatie bevinden en hoe groot de nesten zijn. Daarna wordt een beheersplan opgesteld en uitgevoerd. Binnen kunnen lokdoosjes worden geplaatst of een gel worden aangebracht. Buiten wordt gebruik gemaakt van mierenpoeder. Voor een adequate aanpak van de overlast, raden wij u aan contact op te nemen met een deskundig plaagdiermanagementbedrijf.
Hoe vind ik een deskundig plaagdiermanagementbedrijf?
Alle leden van de NVPB zijn deskundig op het gebied van plaagdier-management. U kunt de leden herkennen aan het NVPB logo

Overlast te lijf

‘t Is alsof de duvel ermee speelt. Op een zonnig terras geniet u van een ijsje of een andere verkoelende zoetigheid. En dan zijn ze er: wespen. Ze hebben een neus voor zoete stoffen. En in de zomer en nazomer kunt u bijna niet aan ze ontsnappen. In het voorjaar bouwen de jonge wespenkoninginnen afzonderlijk hun nest. Dat doen ze op beschutte plaatsen. Op zolders en vlieringen, achter spouwmuren, onder dakpannen, in holle bomen of oude muizengaten, in machines, naden en kieren en soms zelfs in keukens. Deze nesten worden slechts één jaar bewoond.
Wespengif
In de directe omgeving van mens en dier kunnen wespen bijzonder hinderlijk zijn. Hoewel, wanneer ze zich op afgelegen plaatsen bevinden, kunnen het ook zeer nuttige dieren zijn. Zo ruimen ze andere insecten uit de weg. Een wespensteek is zeer pijnlijk en soms zelfs gevaarlijk. Vooral wanneer het slachtoffer in de mond gestoken wordt, of wanneer sprake is van overgevoeligheid voor het wespengif.
Favoriete plek
Net als de bij en de hommel verstopt de wesp zich graag in de spouwmuur van uw woning. Niet alleen is er genoeg ruimte, de wespen zijn er ook goed beschermd tegen natuurlijke vijanden. Ze komen de spouwmuur binnen via de zogenaamde open stootvoegen. Dit zijn voegen die moeten zorgen voor een goede ventilatie van de spouwmuur zodat u in uw woning geen vochtproblemen krijgt. Het is daarom ook niet mogelijk om deze openingen dicht te kitten of dicht te metselen. De oplossing: het roestvrijstalen bijenbekje.
Bijenbekje
Bijenbekjes kunnen tijdens het metselen in open stootvoegen worden geplaatst. Het mooiste resultaat wordt verkregen als de bijenbekjes vóór het voegen worden geplaatst. De voeger heeft dan geen last van de open stootvoeg en kan het rooster naadloos opsluiten. Maar ze kunnen net zo gemakkelijk na het voegen geplaatst worden. De voegvakjes zorgen voor de aansluiting en voorkomen het ontstaan van een ongewenste opening. Bijenbekjes zijn dus ook te plaatsen in bestaande woningen en gebouwen. Zelfs (scheve) voegen met handvormstenen vormen geen enkel probleem.
Overlast te lijf
Is het te laat en hebben de wespen zich al in uw naaste omgeving ‘genesteld’, sluit dan nooit de uitgang(en) van het nest af. Wespen zoeken dan een andere uitgang en niet zelden doen ze dat binnenshuis. Om van de overlast van wespen (en andere vliegende insecten) af te komen, schakelt u bij voorkeur een professioneel plaagdierbestrijder in. Deze is lid van de Nederlandse Vereniging voor Plaagdiermanagement Bedrijven. Dankzij de landelijke dekking van deze organisatie is er altijd wel een NVPB-lid bij u in de buurt om u van de overlast af te helpen. Wanneer sprake is van wespenoverlast, zal een plaagdierbestrijder eerst uw woning aan de binnen en buitenzijde grondig onderzoeken. Bestrijding vindt vervolgens plaats door het bespuiten van de nestingang(en) met een poeder. Dit gebeurt bij voorkeur in de avondschemering, wanneer alle wespen zich in het nest bevinden. Voordeel van deze methode is dat in en uitvliegende wespen met het poeder in aanraking komen en, wanneer zij het nest binnenvliegen, met dit poeder ook de koningin en de larven doden. Een deskundig plaagdierbestrijder herkent u aan het NVPB-logo. Dit betekent dat de betreffende onderneming is aangesloten bij de Nederlandse Vereniging van Plaagdiermanagement Bedrijven. Een organisatie die al 25 jaar lang staat voor service, kwaliteit en, waar mogelijk, het gebruik van milieuvriendelijke producten. Wie kiest voor een NVPB-lid, kiest voor een verantwoorde plaagdierbestrijding.